Het IJsselmeer

Het IJsselmeer is het grootste meer van Nederland en heeft een oppervlakte van +/- 1100 km². Water stroomt vanuit de volgende aanvoerroutes het IJsselmeer in:

- de Rijn via de Utrechtse Vecht (via het IJmeer en het Markermeer)
- via de IJssel (via het Ketelmeer)
- de Overijsselse Vecht (via het Zwarte Water, het Zwarte Meer en het Ketelmeer)
- de Eem (via het Eemmeer, het Gooimeer, het IJmeer en het Markermeer)
- de Hierdense Beek (via het Veluwemeer, Drontermeer en het Ketelmeer)
- de Amstel (via het IJ, IJmeer en Markermeer).

Bij eb, wanneer het water lager staat in de Waddenzee dan in het IJsselmeer, wordt water vanuit het IJsselmeer de Waddenzee in geloosd door twee spuicomplexen, de Stevinsluizen bij Den Oever (Noord-Holland) en de Lorentzsluizen bij Kornwerderzand. Daarnaast voorziet het IJsselmeer de omliggende gebieden van zoet water; zo wordt bij Lemmer water ingelaten, om  de provincies Friesland en Groningen te voorzien van zoet water.

Geschiedenis IJsselmeer

Het IJsselmeer was vroeger een zee, de Zuiderzee. Door de aanleg van de Afsluitdijk veranderde er veel in het gebied wat nu het IJsselmeer is. Wil je meer weten over de geschiedenis van de Zuiderzee, de Afsluitdijk en het ontstaan van het IJsselmeer? Klik dan hier voor meer informatie.

Veranderingen visserij

Na de afsluiting van de Zuiderzee veranderen de stromingen in het IJsselmeer. De eens zoute zee verandert langzamerhand in een zoetwatermeer. Vissen die in het zoute zeewater leefden sterven uit en maken plaats voor zoetwatervissen. De vissers van de voormalige Zuiderzee hebben het zwaar; de vissoorten waar voorheen brood mee werd verdient, verdwijnen langzaam maar zeker uit het IJsselmeer. Het aantal visserijbedrijven neemt noodgedwongen drastisch af.

Het veranderende water zorgt er voor dat de palingstand een enorme groei doormaakt. De palingvisserij wordt de voornaamste bron van inkomsten voor de overgebleven vissers. Zoetwatervissen als de snoek en de baars gedijen goed in het IJsselmeer en er ontstaat een wintervisserij op deze soorten. De overgebleven visserijbedrijven passen in de loop der jaren de visserij aan op wat de natuur hen te bieden heeft.